dinsdag 29 maart 2011

Op onze democratie valt ook heel wat af te dingen

In een interview in NRC Handelsblad van 19 maart jl. bespreekt Mijntje Lükerath, Nyenrode-hoogleraar voor ‘corporate governance’ – zeg maar ondernemingsbestuur – de kwestie dat er nog steeds zo onevenredig weinig vrouwen in de top van het bedrijfsleven komen. Over het standpunt dat vrouwen recht zouden hebben op topposities zegt zij: ”Dat is een moreel argument en dat geldt niet altijd. Bedrijven zijn geen democratie en dus kun je zoiets niet opeisen zoals het stemrecht voor vrouwen.” Even verderop twijfelt zij eraan of de overheid zich wel met dit vraagstuk bezig zou moeten houden: “Je grijpt met een quotum echt in in de vrije besluitvorming van een bedrijf: wie wil ik in mijn bestuur hebben?” Alleen als er sprake zou zijn van discriminatie – zij zegt het minder stellig: “…als je gelooft dat het door discriminatie komt…”; het blijft in het midden of zij dat zelf gelooft – dan is er een moreel argument om iets af te dwingen.
Twee dagen later verschijnt op www.opendemocracy.net een interview met Shirin Ebadi, de vooraanstaande Iraanse juriste die, tot woede van het Iraans bewind, in 2003 de Nobelprijs voor de Vrede toegekend kreeg voor haar bevordering van democratie en mensenrechten, in het bijzonder van vrouwen, kinderen en vluchtelingen. Het interview gaat over de vraag of met de revoluties in de Arabische, lees Islamitische wereld, de positie van vrouwen daar zal verbeteren. Zij is daar hoopvol over want, zegt zij: ”The fight for womens’s rights and democracy are parallel. They are two sides of the same coin. And women who fight for equal rights are part of the fabric of democracy. Iranian men have understood that. They know that the victory of women’s rights is the beginning of democracy.” Ze doelt daarmee op de steeds meer, steeds beter opgeleide mannen (en vrouwen) in Iran. Eerder in het artikel haalt zij aan hoe in Tunesië en Egypte hoger opgeleide vrouwen en mannen zij aan zij demonstreerden voor democratie. Haar belangrijkste stelling in het interview is: het zijn niet de Koran op zich noch Islamitische Schriftgeleerden, die de Islam definiëren zoals die in de publieke sfeer wordt toegepast: het is uitsluitend de politiek die dat doet. En zolang die laatste gedomineerd blijft door koppige (oude) mannen, denkt zij dat er van vrouwenrechten en democratie, de twee zijden van de ene munt, niet veel terecht kan komen. Die politiek machtige mannen leggen de Islam uit vanuit hun eigen perspectief en in hun eigen voordeel. Ook al vindt het goeddeels achter de voordeur plaats, vrouwen onderdrukken is precies even ondemocratisch als het onderdrukken van politieke minderheden. Aan de mate van vrouwenemancipatie kun je het democratisch gehalte van een maatschappij aflezen, zegt zij met andere woorden.
Welnu, de parallel tussen de vraagstukken besproken in beide interviews lijkt treffend, niet? Nee, gaat het niet zelfs wezenlijk om één en hetzelfde vraagstuk? Mevrouw Lükerath zegt het zelf met zoveel woorden: “Bedrijven zijn geen democratie…”.  En wie definieert er in ons eigen ondernemingsland de toepassing van de islam die ‘corporate governance’ heet? De vraag stellen is haar beantwoorden: de ‘Code Tabaksblat’ is opgesteld door een veertienkoppige commissie waarin niet één vrouw zitting had. Dat was in 2003. Maar kennelijk  en desondanks – is er tegenwoordig nog steeds een aantal spraakmakende vrouwen, dat niet doorziet hoe zij voor een ongeëmancipeerde en ondemocratische kar zijn gespannen, zelfs (of juist?) als hoogleraar in de ‘corporate governance’. Achter de voordeur van de onderneming is de ‘ik’ in mevrouw Lükerath's formulering "wie wil ik in mijn bestuur?”, een man met een vrijwel onaantastbare vrijheid van besluitvorming. En die deze vrijheid bovendien grotelijks zo niet grovelijks in zijn eigen voordeel toepast. Ja, geen wonder dat het zo niets wordt met aantal en macht van vrouwen in het ondernemingsbestuur! 
Wie de bovenstaande vergelijking van de twee interviews vergezocht vindt, moet eens ten principale de volgende vraag proberen te beantwoorden: waarom ziet de Westerse beschaving, die bereid is zelfs gewapenderhand haar democratische idealen en waarden in de wereld te verdedigen en aan anderen op te leggen, het blijkbaar als doodnormaal dat 'de economie' die zich tegenwoordig ook nog eens steeds verder uitstrekt over een steeds groter deel van wat vroeger haar publieke ruimte was! – wordt behartigd door een systeem van ondernemingsbesturing dat goeddeels op ongeëmancipeerde en ondemocratische principes is gebaseerd?

Als mensen, ook vrouwen, in de Arabische wereld hun leven wagen voor gelijkberechtiging en democratie, dan kun je je in alle ernst afvragen of wij ze wel een voorbeeld geven dat mensenlevens waard is. 

vrijdag 18 februari 2011

"INDIGNEZ-VOUS!" - Wees verontwaardigd!

Een ongekende hit in Frankrijk: sedert eind oktober 2010 ruim over de 1.000.000 exemplaren verkocht. Maakt sinds kort ook in de UK furore.

NL vertaling te downloaden op: www.linkedin.com/in/hermanrottinghuis

Een gepassioneerde oproep van 93-jarige Franse oud-verzetsman, Stéphane Hessel, medeauteur van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Een man die de menselijke idealen waar het Verzet voor opkwam onverminderd hoog houdt en dan ook elke vorm van totalitarisme, uitbuiting en onderdrukking – die hij tot zijn verontwaardiging ook ziet in onze huidige maatschappij! – afwijst. Inmiddels een gelouterd en gelauwerd diplomaat (“Ambassadeur de France”) die heeft geleerd hoe zijn verontwaardiging effectief te maken. Zijn geheim: door verontwaardiging te ontwapenen en om te zetten in de positieve energie van hoop en (com)passie, ontstaan de beste voorwaarden voor een behoedzame, ook verbaal geweldloze dialoog. Zijn ‘wapen’ daarbij: de onvergankelijke en niet onderhandelbare waarden verankerd in het geweten en het hart van ieder mens.

Over de generaties heen vraagt hij aan de “jonge mannen en vrouwen die de 21e eeuw gaan maken”: “neem het van ons over, wees verontwaardigd!”.

Ook aanbevolen aan diegenen van de oudere generaties die zich niet aangevallen durven voelen en nog geloven dat ze kunnen helpen het verschil te maken!

donderdag 10 februari 2011

Als ook advocaten niet meer weten hoe het hoort...

Mr Moszkowicz maakt gretig gebruik van de voorkant van camera's. Hij zoekt er ongetwijfeld zijn cliënten op uit. Hij is fotogeniek en koketteert er luidkeels mee. Zijn taalgebruik en denktrant zijn juristerig. D.w.z. die van lieden met ook een juridische opleiding, maar die daar merkwaardigerwijs niet aan overgehouden hebben dat het niet gaat om het eigen gelijk ten koste van alles, maar om hoe het recht te helpen zegevieren. Anders vermoordt je dat; en dat is nogal makkelijk, zoals alles wat kwetsbaar is eenvoudig om zeep te helpen is. Het lijkt niet aan hem besteed. Sinds kort lijkt hij ook politiek geëngageerd, althans hij maakt geluiden horend bij zijn nieuwste vangst, Wilders, inmiddels toch maar mooi een bijna-maar-nog-net-niet Trêveszaal-fähige politieke figuur-van-het-moment. Dat Wilders politieke winst uit zijn proces wil slaan is, hoewel niet de bedoeling, een consequentie van de wijze waarop het juridische proces in een beschaafde staat gespeeld moet worden. Maar dat zijn advocaat dat ook doet? De advocaat Moszkowicz maakt, op kosten van de maatschappij in en rond een strafproces politieke reclame voor zijn cliënt; en en passant commerciële reclame voor zichzelf. En hij gaat, ook buiten de rechtszaal, lieden met een harde opinie over Wilders en zijn zorgelijke wanen, fel te lijf. Dat deugt niet. De mening van de advocaat Moszkovicz over het politieke standpunt van zijn cliënt Wilders, behoort zich te beperken tot de rechtszaal en daar tot het onderwerp dat ter sprake is: of deze met zijn politieke uitingen strafrechtelijke feiten heeft gepleegd en blijft plegen. De mening van de heer Moszkovicz over de politieke standpunten van Wilders of wie dan ook, is even relevant als die over spruitjes.

Daar hebben de media zich rekenschap van te geven; hoe spannend sommigen het daar wellicht ook vinden dat de heer Moszkovicz het thans houdt met een collegaatje van ze. Met betrekking tot het proces zelf zouden de media zich niet zonder tegencommentaar moeten lenen voor abjecte spelletjes in en buiten de rechtszaal. Zoals wanneer de advocaat Moszkovicz voor de ogen van een TV-publiek – slechts bekend met de nogal onbeschaafde Amerikaanse cowboy-rechtszaken – de Nederlandse rechtspraak integraal in de beklaagdenbank zet, omdat die het waagt om zijn cliënt als verdachte te beschouwen. Hij maakt hierbij zoveel ongepast lawaai en haalt zoveel juridisch en feitelijk irrelevants uit de kast, dat het niet anders kan of hij is er zelf al van overuigd dat hij met Wilders geen, met de gewone juridische procesmiddelen verdedigbare zaak heeft. Dan dus maar tot het gaatje. (Zie ook het Opinieartikel van Coen Simon in NRC d.d. 5/6 februari).

De advocaat en de heer Moszkowicz spelen beiden bij dit alles rechtstreeks in de camera's. De rechtbank zit publicitair klem en kan de in de rechtszaal gemaakte, niet officieel ingeroosterde uitzendingen van de "Ster" en "in de zendtijd voor politieke partijen" niet goed wegdraaien of inkorten. Het is dus zaak, zoals het Commentaar op p. 2 van NRC d.d. 5/6 februari suggereert, dat de omroepen zich heel goed bedenken wat ze uitzenden; er staat hier iets veel kostbaarders op het spel dan alleen maar kijkcijfers.

We zouden het niet zo gauw aan de weet komen, natuurlijk, maar zou de Deken van de Orde van Advocaten de advocaat Moszkowicz niet eens bij zich hebben geroepen? En dat met de mededeling dat als hij commerciële of politieke reclame wil maken op kosten van het rechts- en publieke bestel en daarbij ook nog met tenminste zwaar dubieuze middelen dat bestel zelf aanvalt in plaats van de tenlastelegging van zijn cliënt, hij toch maar beter eerst zijn witte bef af kan doen? Zoniet, dan is de tijd nu toch wel gekomen.

Wat een langzamerhand minstens relevant deel van functie-bekledend Nederland vergeten schijnt te zijn, is dat mensen in een openbare of private functie met een maatschappelijk profiel, deze slechts bekleden – d.w.z. zij fungeren als de kledij van de functie en niet omgekeerd – en dat zij die functie niet zijn en zeker ook niet hebben! Die is niet van henzelf; het is een staatsrechtelijk en/of privaatrechtelijk ingesteld en geregeld ambt resp. functie, hen door de maatschappij op tijdelijke basis verleend of vergund. Dat geldt niet alleen het ambt van advocaat, ook van MP of Minister, ambtenaar, notaris, registeraccountant, medicus, en zeker ja, ook de functie van een CEO en zijn collegae van een Nederlandse onderneming. Bij de aanvaarding van dergelijke ambten of functies wordt ook (weer) een ambtseed afgelegd; behalve nog bij private topbestuurders, maar dat komt ook nog wel, durf ik te voorspellen; er is zelfs in Amerika (!) een serieus debat over aan de gang. Het betreft hier functies en ambten met alle macht, waardigheid en bescherming die er maatschappelijk bij horen en dus ook met alle verantwoordelijkheden van dien; bv. om dat bestel niet te beschadigen.

Advocaten zijn juristen en die hebben meer en beter dan wie ook te beseffen hoe het spel, ook in de hitte ervan, juridisch én moreel in elkaar zit en gespeeld hoort te worden. We pikken het toch ook niet als medici een zootje maken van de steriliteit en discipline rond een operatietafel?! Dan worden ze aangepunt of de boel gaat dicht.

Er is een term voor onjuiste toe-eigening van een ambt: 'usurpatie'. Het uitbaten van een ambt ten eigen nutte heet: 'corruptie'. Die verschijnselen gaan meestal hand in hand met andere verloedering van een maatschappij. Nederland, 2011? Wat zijn we nou aan het doen? 

dinsdag 8 februari 2011

Het kan verk€ren...

Maanden van Eurostress, paniekoverleg, IMF erbij, ECB-interventies, noodfondsen enz. lijken plots wonderwel te hebben gewerkt. Zelfs Griekenland kan weer tegen een beetje grotemensentarief geld lenen. What happened?
De laatste weken hebben de beleggersmarkten ongeveer € 750 miljard uit de snel groeiende ontwikkelingslanden teruggetrokken. Waarom? Nou, omdat er regiems omvallen in de Arabische wereld en zo; en de groei in China en India misschien toch niet meer zo door kan gaan en zo. En omdat de wereldvoedselmarkt zo interessant is om in te speculeren en zo. En de zenuwachtig gemaakte Eurolanden nu dan eindelijk ook wel.... En zo maar door.
Is de Euro nu ineens weer gezond? Ja en nee, en zo. De rondklotsende geldblubber zoekt paniekerig naar het laagste putje van de makkelijke kortetermijn rendementen.
Hoe lang laten we nog toe dat onze economie(ën) en staatsfinanciën worden opgejaagd door scharrelende winstzwervers met alleen hun achterzak als thuis?

Wilders, woestijnleeuw van Sion

Aan het eind van het begin van zijn tweede 'thans geheel vernieuwde' proces wil Wilders nog wel even kwijt dat de Islam een uit de woestijn afkomstige ideologie is die alleen maar nieuwe woestijnen van dood en verderf kan voortbrengen. Ja, verdorie, dat klopt! Dat krijg je met woestijnideologieën!
In diezelfde vervloekte zandbak zijn namelijk ook nog twee andere 'ideologiën' ontstaan: jodendom en christendom. De eerste van die twee was in de daaropvolgende eeuwen zwaar de dupe van beide andere 'ideologieën'. Weten we nog wel?!
Een leuk quizvraagje voor Wilders: stel even dat je de door beide andere 'woestijnideologieën' in de laatste twee milennia gemaakte Joodse slachtoffers op twee hopen veegt, welke hoop is dan de grootste? Tip: vergeet vooral WO II van pas 70 jaar geleden  niet. Afrondingsfouten zijn toegestaan.
Tweede vraagje: hoe was precies de verdeling van de moedwillige verwoestijning en van de slachtofferaantallen in de Joods-Palestijnse conflicten van de afgelopen halve eeuw?
Wat ook de Amsterdamse rechtbank vonnist over de geoorloofdheid van Wilders' uitlating, we spenderen als maatschappij weer een hoop tijd, geld en aandacht aan iemand die zich op 'grote dingen van de wereld' beroept, maar aan ernstig selectief historisch geheugenverlies lijdt. En gaat dat dan iets uithalen? Nee natuurlijk, het echte conflict ligt buiten de rechstzaal en kan daarbinnen ook helemaal niet worden beslecht. Integendeel, het wordt er alleen maar scherper van.
Griezelig zoals dit, voor de ouderen en geschiedenisbewusten onder ons, op de jaren '30 van de vorige eeuw begint te lijken! En dan niet alleen omdat Wilders zegt wat hij zegt; hij is niet meer en minder dan een kind van zijn tijd. Griezelig dus ook dat onze maatschappij trekken vertoont die toen ook zichtbaar waren....

De BV Nederland

Het is zo'n gangbare uitdrukking, "de BV Nederland", dat je er niet meer bij stil staat. Toch? Totdat er ineens twee typen recente gebeurtenissen samenvallen waardoor je denkt: heb ik iets gemist?
Een: Bos en Balkenende stappen rechtstreeks uit de toppolitiek in de top van het private (adviserende) bedrijfsleven (zie voor commentaar: Marc Chavannes in NRC d.d. 5/6 febr. jl.).
Twee: minister de Jager (Financiën) verdedigt de Nederlandse garantieportefeuille van € 200 miljard aan zwakke Eurolanden en zieke banken met de woorden: "We maken er in elk geval winst op".
Ah, dat was het! De beursgang van de "BV Nederland" is ophanden! Naar verluidt lopen zich al diverse zakenbanken, accountantsfirma's en aandeelbeurzen warm. Naar goed gebruik worden nu eerst gauw nog even enige zwakkere activiteiten van de BV afgestoten en andere aanzienlijk ingekrompen. Staat goed in de prospectus.

dinsdag 25 januari 2011

“B.V. STAATSBURGER”?

Deze maand een jaar geleden vond in Amerika een zeer ingrijpende gebeurtenis plaats met verstrekkende consequenties. Ook voor ons in Nederland, maar tot nu toe is er nauwelijks aandacht aan besteed. En dat is zeer zorgelijk.

Eerst de feiten. In januari 2010 deed het US Supreme Court uitspraak in de zaak Citizens United v. Federal Election Commission. Het ging om een, in opdracht van een rechts-conservatieve groep, Citizens United, als verkiezingspublicatie gemaakte ‘documentaire’ van 90 minuten. Daarin - maar dat is feitelijk niet relevant - werd Hillary Cinton, senator en presidentskandidaat, tot op de grond toe afgebrand.

Omdat de film was geproduceerd met derdengeld, d.w.z. afkomstig van anderen dan de politici die als kandidaten aan de verkiezingen deelnamen, verbood de Federal Election Commission de uitzending. Wettelijk was het namelijk aan ‘geïnstitutionaliseerde derden’, zoals corporations, unions en andere organisaties, verboden om verkiezingspublicaties, bedoeld om in de direct aan verkiezingen voorafgaande periode uit te zenden, te financieren.

Citizens United ging naar de rechter en de zaak werd tot en met de hoogste instantie uitgevochten. Daarbij werd een beroep gedaan op het zgn. First Amendment. Deze toevoeging aan de Amerikaanse grondwet beschermt elke burger tegen beperkingen in o.a. vrije meningsuiting, door wetgever en uitvoerende overheid. Citizens United stelde dat de corporations die hen financierden als burgers moesten worden beschouwd met een recht op vrijheid van meningsuiting, dat niet door de overheid mocht worden ingeperkt.

Het US Supreme Court gaf Citizens United gelijk. Met tamelijk geforceerd aandoende redeneringen werden in het vonnis zowel de intentie van de oorspronkelijke grondwetgevers, alsook meer dan 100 jaar wetgeving en eigen jurisprudentie terzijde geschoven, die ervan uitgingen dat alleen mensen van vlees en bloed citizens kunnen zijn. Corporations hebben door dit vonnis het recht gekregen hun fondsen aan te wenden om duidelijk te maken dat zij vóór of tegen een bepaalde politiek of politicus zijn (ook al hebben zij geen stemrecht). Dat betekent een aardverschuiving, niet alleen in het verloop van Amerikaanse verkiezingscampagnes, maar gezien de agenda van ondernemingen, ook in politiekeverhoudingen, ten gunste van de Republikeinen.

Wat heeft deze zoveelste bizarre coup in de Amerikaanse politieke jungle nou met ons in Nederland te maken? Bij ons worden parlementariërs toch geacht ‘zonder last of ruggespraak’ van en met wie dan ook, hun werk te doen? Wij hebben toch niet zulke lekkende of opendraaibare sluisdeuren tussen publieke en private financieringen van verkiezingscampagnes? Wij hebben toch een (min of meer?!) duidelijke situatie met betrekking tot het lobbyen bij overheid en parlement door het bedrijfsleven? Nou, inderdaad, ook al waait vroeg of laat veel ‘modern’ geacht Amerikaans gedachtengoed over naar Europa – en dan vooral naar de UK en Nederland – zo bont zullen en kunnen we het hier (voorlopig) niet maken.


Maar erg geruststellend is dat toch niet. Want de denktrant die het US Supreme Court tot zijn beslissing bracht, is ons inmiddels ook helemaal niet vreemd meer! En dan gaat het niet om de rechtsfilosofische, juridische en praktische onvolkomenheden van de beslissing om een zgn. niet-natuurlijk persoon een mensenrecht te geven.

Maar om welke denktrant dan wel? Een van de voorstemmers in het US Supreme Court, Justice Scalia heeft, in de buitengewoon felle polemiek binnen zijn eigen Hof rond deze uitspraak, een gepikeerde niet-juridische rechtvaardiging achteraf geschreven; en dat is een veelzeggende ontboezeming. Hij schrijft dat het niet aangaat om zulke belangrijke spelers in het economisch leven, als grote ondernemingen en banken, deelname aan het publieke (lees politieke) debat te ontzeggen.

Let wel, hier wordt de samenleving/maatschappij op één hoop geveegd met de economie. En in die ene hoop krijgen in één klap economische spelers met een grote concentratie aan financiële middelen en marktmacht, niet alleen het recht om ‘op voet van gelijkheid’ met burgers tot het politiek-maatschappelijk discours toegelaten te worden, maar zij nemen meteen een niet meer door burgers te evenaren voorsprong. 

De echte grote verliezer is dus de burger, d.w.z. burgermaatschappij en leefomgeving, die toch al juist meer en zeker niet minder bescherming behoeven tegen het geweld van corporate America. Waar ooit de veronderstelling heerste dat de economie de maatschappij diende, wordt dus die relatie feitelijk omgedraaid: de maatschappij, inclusief haar bestuurlijk systeem, dient de economie - vertegenwoordigd door ‘ons’ (wiens?) bedrijfsleven en banksysteem. Bye-bye democracy, welcome corporatocracy!

Zo expliciet als de denktrant in deze repliek van een Amerikaanse opperrechter staat, wordt hij bij ons niet toegepast, maar effectief doen wij niet veel anders. In ons politieke discours zijn economie en maatschappij niet meer van elkaar te onderscheiden en is feitelijk de staat van de economie en de overheidsfinanciën de maat aller dingen geworden. Dat was al sedert enige decennia een sluipende verschuiving. Het huidige kabinet weet niet alleen niet beter meer, het verkondigt dat idee als vanzelfsprekend uitgangspunt en hoogste goed.

Om een enkel voorbeeld te noemen: met betrekking tot wetenschap en onderwijs heerst nu de opvatting dat die hun nut en noodzaak nou toch eindelijk eens moeten ontlenen aan het aan de economie toeleveren van innoverende, toepasbare kennis en goed opgeleid personeel. Weg met het idee dat wetenschap toch vooral bedoeld was om antwoord te geven op het hoe, wat en waarom van de onvoorstelbaar grootse, complexe werkelijkheid waarin wij, nietige mensjes ons bevinden. En daarmee ook op de vraag hoe in overeenstemming daarmee te leven; en hoe niet als zielige simpelen van geest, prutsende tovenaarsleerlingen of plunderende barbaren door de snoepwinkel te banjeren. Weg ook met het idee dat onderwijs toch eerstens tot doel zou moeten hebben om wel-ontwikkelde, volwassen burgers te helpen vormen, in staat hun eigen en andermans geluk en welzijn te bevorderen, goede ouders te zijn, van zins en toegerust om naar beste vermogen bij te dragen aan maatschappij en leefomgeving.

Nee, het blijkt nu vooral te gaan om het klaarstomen van economisch kanonnenvoer: ideeën die op de markt gegooid kunnen worden en mensen die niet werken om te leven, maar leven om te werken; en die vooral moeten consumeerderen. Wie economisch succesvol is geniet maatschappelijk aanzien (nou ja, zoals op de Miljonairs Fair dan), wie economisch onnuttig is telt maatschappelijk nauwelijks nog mee, want loopt klap.

Je kunt dan wel, zoals een van de vele kabinetten Balkenende, een nationale discussie op touw zetten over normen en waarden, maar als je ondertussen voortdurend over het feitelijke primaat van de economie blijft toeteren, gelooft daar geen mens in. Het economisch waardensysteem concurreert de veel minder concrete, zachtere, maar oeroude en onvervangbare menselijke waardensystemen de tent uit: die van de gemeenschapswaarden, vriendschapswaarden, familie- en levensrelatiewaarden enz. Die leggen uiteindelijk het loodje tegen de onontkoombare meetbaarheid en de geldelijke verlokkingen en zelfbevredigingen van het economisch systeem.

Daarmee wordt de economie van een middel tot een doel; en daarmee is de basis voor een hoop menselijk ongemak, ongenoegen en ongeluk gelegd. En, ironisch genoeg, ook voor het falen van de economie zelf; want die kan niet zonder het vertrouwen behorend bij echt menselijke relaties. Als er iets is dat de financiële crisis - en de economische erna - in elk geval buitengewoon pijnlijk heeft blootgelegd, dan is het toch wel dat.  

In plaats van economie en maatschappij op één hoop te gooien, zouden wij de maatschappij uit alle macht moeten versterken om een wezenlijk tegenwicht te vormen tegen het enorm opgeblazen, eenzijdig op schaarste, nut, eigenbelang, bezitsdrang en concurrentiestrijd geörienteerde perspectief van de economie. Het huidige economische denken is verworden tot paniekerig oorlogsdenken: eten of gegeten worden. Net als in de USA worden dan ook hier burgers, maatschappij, leefomgeving het slachtoffer van bot economisch geweld.

Als wij op die manier niet meer tot echt humane beschaving in staat blijken, moeten we ons niet verbazen over de groeiende bitterheid in ons maatschappelijk discours (als het nog zo mag heten). En we kunnen evenmin verrast zijn als de rest van de wereld ons mogelijk nog wel economisch en een beetje militair ducht, maar niet meer respecteert. En - of is het juist: want...? - wij onszelf natuurlijk ook allang niet meer. Daarom reageren wij ook al geruime tijd zo overgevoelig als wij ook maar even het idee hebben niet serieus genomen te worden.

Maar wij hebben het in eigen hand onze menselijkheid, ons zelfrespect en en daarmee voor onszelf een wel-levende maatschappij en voor andere landen in de wereld ons wenkende Europese perspectief terug te verdienen.

--------
Voor achtergrondinformatie over de casus Citizens United v. Federal Election Commission, en haar gevolgen, zie Column d.d. 8 februari 2010 op dit blog en http://www.truth-out.org/wal-mart-is-not-a-person66831